Fokker D.VII
Welke rol speelde nazi-kopstuk Hermann Göring in de mysterieuze verdwijning van dit Nederlandse jachtvliegtuig?
In de chaos van mei 1940 verdwijnt een Nederlands jachtvliegtuig spoorloos. Na de oorlog wordt in een Duitse schuur, tijdens een zoektocht naar geroofde kunstschatten, een onbekend toestel aangetroffen. Niemand vermoedt iets bijzonders. Tot 35 jaar later, wanneer tijdens een restauratie onder de Duitse camouflage plotseling Nederlandse markeringen tevoorschijn komen.
Het blijkt te gaan om de Fokker D.VII met de vermoedelijke registratie D-28, het toestel dat tijdens de bezetting van Nederland spoorloos verdween. De omstandigheden rond zijn verdwijning leiden naar één persoon: Hermann Göring. Oorlogsheld uit de Eerste Wereldoorlog, kunstrover, opperbevelhebber van de Luftwaffe… en voormalig vlieger op precies dit type vliegtuig.
Waarom verdween een afgedankt Nederlands jachtvliegtuig naar Duitsland? En welke rol speelde Göring daarbij?
De man achter de verdwijning
In mei 1940 valt Duitsland Nederland binnen. Kort daarna brengt Hermann Göring een bezoek aan Schiphol. Op dat moment is hij opperbevelhebber van de Luftwaffe en een van de machtigste mannen van het Derde Rijk. Maar vóór hij nazi-kopstuk werd, diende hij tijdens de Eerste Wereldoorlog van 1915 tot 1918 als jachtvlieger, eerst als piloot en later als commandant van het legendarische Jagdgeschwader 1. Hij behaalde 22 bevestigde luchtoverwinningen, waarvan waarschijnlijk vijf met een Fokker D.VII, en ontving de hoogste Pruisische onderscheiding: de Pour le Mérite.
Die vroege successen als oorlogsvlieger koesterde hij zijn hele leven. Göring bouwde bewust een imago op van aristocratische luchtvaartheld, die vloog op een Fokker D.VII.
Een vliegtuig met symbolische waarde
De Fokker D.VII stond bekend als het beste jachtvliegtuig van de Eerste Wereldoorlog. Het toestel was zó effectief dat de wapenstilstand overeenkomst Duitsland verplichtte alle exemplaren in te leveren. Na de oorlog keerde ontwerper Anthony Fokker terug naar Nederland. De Nederlandse Marineluchtvaartdienst verwierf twintig toestellen (D-20 t/m D-39) om het luchtruim boven de marinebasis Den Helder te bewaken.
Midden jaren dertig waren ze verouderd. In 1937 werd het laatste toestel van de Marineluchtvaartdienst, de D-28, officieel afgeschreven. Het vliegtuig kreeg een nieuwe bestemming: als museumstuk voor het Nationaal Luchtvaartmuseum. Samen met andere historische vliegtuigen werd hij opgeslagen op Schiphol. Maar na Görings bezoek aan Schiphol verdwijnt de D-28 spoorloos. Dat juist dit type vliegtuig verdwijnt, is opvallend: militair had het toestel geen waarde meer. Maar symbolisch waarschijnlijk des te meer…
De verzamelwoede van Göring
Göring stond bekend als fanatiek verzamelaar. Op zijn landgoed Carinhall bouwde hij een enorme kunstcollectie op, grotendeels afkomstig uit bezette gebieden. Hij organiseerde systematische kunstroof in Nederland, Frankrijk en Polen. Naast schilderijen verzamelde hij wapens, uniformen en historische objecten.
Binnen nazi-Duitsland leefde bovendien het idee om militaire en technologische superioriteit museaal te presenteren.
Propagandasymbool en reliek uit Görings ‘heldentijd’
Een originele Fokker D.VII had voor Göring zeker bijzondere waarde: als historisch object, propagandasymbool of persoonlijk reliek uit zijn ‘heldentijd’. Sluitend bewijs dat de D-28 op zijn initiatief werd meegenomen ontbreekt, maar het moment van zijn bezoek aan Schiphol en het daaropvolgende verdwijnen van het toestel is opvallend.
Uit spionagerapporten in het NIOD-archief blijkt bovendien dat er plannen waren om speciaal voor Göring een nieuwe Fokker D.VII te bouwen. Toen dat technisch niet haalbaar bleek, lijkt de aandacht te zijn verschoven naar het bestaande toestel: de D-28.
De val van een verzamelaar
Tegen het einde van de oorlog brokkelt het Derde Rijk snel af. Terwijl geallieerde troepen oprukken, laat Göring delen van zijn kunstcollectie verplaatsen naar Zuid-Duitsland en Oostenrijk. Zijn landgoed Carinhall wordt in april 1945 opgeblazen om te voorkomen dat het in vijandelijke handen valt. Een maand later geeft hij zich over aan de Amerikanen.
Wat resteert zijn verspreide depots vol geroofde kunst, wapens en historische objecten, als stille getuigen van een instortend regime.
Bijzondere ontdekking
Tijdens de zoektocht naar deze geroofde schatten stuiten geallieerde troepen in Duitsland op een opmerkelijke vondst: een oud jachtvliegtuig, opgeslagen in een boerenschuur.
Pas 35 jaar later, tijdens restauratiewerkzaamheden, komt zijn ware aard aan het licht. Onder lagen camouflageverf verschijnen Nederlandse markeringen. Alles wijst erop dat dit de lang verloren gewaande D-28 is. Eén van de allerlaatste originele Fokker D.VII’s ter wereld. En misschien wel de meest bijzondere van allemaal.
Nu is hij weer thuis. Het Nationaal Militair Museum toont de D-28 tijdelijk in Nederland. Een unieke kans om dit uitzonderlijke toestel van dichtbij te bewonderen!
Ontdek de Fokker D.VII